Sukuh – Malang

24-09-2017: Sukuh – Malang

Aangezien we gisteren wel erg vroeg sliepen, hadden we het gevoel dat we midden in de nacht al uitgeslapen waren. We hebben beiden maar een beetje gelezen. Ik was eerder weer in dromenland dan Wouter, want hij had een spannend boek te pakken. Na het ontbijt vertrokken we met Ajib voor een wandeling van Sukuh naar Tawangmangu. Een wandeling van ongeveer 2 uur. We liepen continu over een geasfalteerd pad, heuveltje op heuveltje af en gelukkig vaker heuveltje af, want ook hier zitten er forse hellingen in. We liepen tussen de velden, die volledig terrasbouw zijn en helemaal tegen de helling zijn opgebouwd. Er waren een aantal boeren aan het werk, chapeau, want dat is echt klimmen en alles handenarbeid. Er werden vooral veel groenten verbouwd, maar ook bananen en we zagen ook aantal bomen: kaneel en kruidnagel. Met Ajib kletsten we over van alles en nog wat. Aantal weetjes, de koeien staan bij het huis, dus elke dag moet er gras worden gehakt, dus dat wordt met de brommer opgehaald; minimumleeftijd voor de brommer is 16, maar als je kan lopen en genoeg zeurt bij je ouders mag je rijden; minimuminkomen is hier 150 euro, maar daar kan je niet van leven, dus werken beide partners vaak; roken doe je niet in je eentje, maar met vrienden; beveiliging wordt gedaan door een buurtwacht in een beurtrol. We liepen door twee dorpjes en iedereen groette ons erg vriendelijk. In het laatste dorpje was de mannelijke helft van het dorp uitgelopen om een verdiepingsvloer te storten, blijkbaar hoort het zo dat iedereen dan de handen uit de mouwen steekt. Amri stond te wachten bij de ingang van een waterpark. We hadden al besloten om daar niet in te gaan, aangezien het een redelijk toeristentrap is, duur, druk en waterval valt nogal tegen aan het einde van het droge seizoen. We hebben nog een kopje thee gedronken en een gefrituurde plak tofu verorberd. Helemaal klaar voor een autorit van ongeveer 7 uur naar Malang. Het is een stukje van 170 km, maar erg druk met verkeer en een tweebaans weg. Er wordt best veel ingehaald, vooral door de touringcars, maar gelukkig is onze chauffeur geen kamikaze. Na een paar km. namen we afscheid van Ajib, want hij ging met de bus naar Solo terug. Het eerste stuk ging de weg steil omhoog, want we moesten een bergkam over die de grens aangeeft met Oost-Java. Als het minder bewolkt is waarschijnlijk mooie vergezichten. Eenmaal over de bergkam, werden de veldjes weer volgeplant met rijst of suikerriet, want iets verderop stond er een grote suikerfabriek. Ik kan me voorstellen dat deze op volle toeren draait, want ze doen hier overal suiker in. ’s Middags gelunchd bij een restaurant bij de benzinepomp: soepje (soto) en Wouter fu yong hay met rijst (deze smaakte lekkerder dan in Nederland). Wat een verschil in temperatuur, ik denk dat het wel 10 graden warmer is dan in de bergen. Gelukkig hoeven we hier niet meer te wandelen en zitten we te genieten van het passerende dagelijkse leven in een airconditioned busje. De oude Javanen spreken nog een aardig woordje Nederlands, maar sowieso herkennen we soms woorden op de borden aan de kant van de weg, zoals kantoor Pos, notaris, gratis, knalpot, kanarie, apotek, kopi the. Scooters met 1, 2, 3 ja zelfs vier personen erop, pakken stro, eetstalletjes, noem het op en je kan het vervoeren op je scooter. Opmerkelijk is ook dat er zoveel restaurants en eetstalletjes zijn, ik kan niet geloven dat er hier iemand thuis kookt. Tijdens de autorit onze eerste regenbui gehad, de scooters en dat zijn er hier echt veel, staan allemaal te schuilen, dus het scheelt ongeveer de helft van het verkeer. Aangezien het geen regenbui bleek te zijn, maar een regenachtige namiddag, begonnen de scooters ook weer te rijden. Het slechte weer zorgde voor een drukte van jewelste, dus we kwamen pas rond zes uur aan bij het hotel. In de ochtend hadden we aan Amri gevraagd of hij een wasserette in de buurt van het hotel wist te zijn. Via internet eentje opgezocht die aardig in de buurt was. Aangezien we zo lang onderweg waren, dachten we: de was zien we morgen wel, maar Amri had het onthouden, hij draaide de parkeerplaats van de wasserette op en morgen gaat hij het voor ons ophalen, wat een schat. Hij is goed bezig om een mooie fooi te krijgen. Het hotel Cozy Guest house, is een Boutique hotel en ziet er echt hip uit, leuke moderne inrichting. We zijn naar restaurant Warung Ijen gelopen, vlakbij het hotel. De kaart was enkel Indonesisch en de ober sprak weinig Engels, dus aan de gang met de vertaalmachine. Het meisje bleef bij ons wachten, dus een vis en garnalen besteld. Het bleek een erg goede keuze, de vis in zoet zure saus, gegrilde garnalen met ketjapsaus en gebakken groenten (deze waren lekker pittig). We bestelden ijsthee zonder suiker (tandpa guli), want geen Bintang in het assortiment. Het is één van de weinige zinnen die we kennen in het Indonesisch. We kregen warme thee met suiker, maar onze ober kreeg het snel in de gaten en ja hoor daar kwam ons juiste drankje aan. Ze zijn hier erg servicegericht en super vriendelijk. Nog even een rondje gewandeld, aangezien het inmiddels weer droog was. Wouter heeft nog een Bintang gekocht in het hotel want twee dagen zonder een drupje alcohol, is toch geen vakantie. Leen heeft overgeslagen, want haar darmen laten van zich horen. Amri vertelde dat tot drie jaar terug er overal alcohol te koop en erg goedkoop was. Aangezien er een groot probleem was met coma-zuipende jongeren heeft de overheid verboden alcohol te verkopen in supermarkten. Wij dachten dat het te maken had met de grote hoeveelheid moslims, maar dat blijkt dus niet te kloppen. Over een paar dagen gaan we naar Bromo. Ik ben al een aantal dagen de weersvoorspellingen aan het volgen en deze waren niet best. Regen op woensdagochtend, dus ik zag onze zonsopgang al in het water vallen. Vandaag kwam Wouter erachter dat er twee Bromo’s zijn op Java. Waar wij heen gaan lijkt de weersvoorspelling voor de komende dagen gelukkig goed.